Oma Tien en opa Bantji Lekranty 60 jaar getrouwd (1)

Door: Ephraïm Patty

Wat weten vier kleinkinderen over hun grootouders en in hoeverre klopt hun beeld?

Loosdrecht, 18 december 2007

60_jaar_klWat hen het eerste te binnen schiet als ze aan oma Tien en opa Bantji Lekranty denken, die vandaag precies zestig jaar getrouwd zijn? Het lekkere eten, zegt de twintigjarige Daud. Het huis aan de Lindelaan in Loosdrecht, roept de zestienjarige Nila. Gino, zeventien jaar, ziet meteen opa voor zich en ook Ryu van tweeëntwintig jaar moet aan zijn opa denken.
“Dan denk ik vooral aan het kort lontje van hem”, zegt hij lachend. Als we vroeger naar zijn idee te druk waren, schreeuwde hij heel hard “Heeeey!”. En het hielp ook, ineens was het dan muisstil haha..

De vier hebben zich tijdens de trouwdag van hun grootouders even afgezonderd van de rest van hun familie om te praten over hun zorgzame oma en hun opa die erg van de rust en de orde is. Iets wat hij mee heeft gekregen vanuit de marine, vertellen ze, waar hun opa van jongs af aan tot aan zijn pensioen bij werkzaam was.

Molukkers in de marine

Opa Bantji Lekranty behoort tot de Molukkers die naar Nederland kwamen vanuit de Koninklijke Marine. Deze groep Molukkers kon, anders dan de KNIL-soldaten, gewoon in dienst blijven toen ze in Nederland kwamen en begonnen hun verblijf in Nederland heel anders dan de ontslagen KNIL-soldaten. Er was in Nederlands-Indië namelijk geen aparte koloniale marine, zoals er wel een aparte koloniale landmacht was (het KNIL). De bemanning van de Nederlandse vloot in Nederlands-Indië was dus onderdeel van de Koninklijke Marine.

Toen Indonesië onafhankelijk werd verklaard, werd die Nederlandse vloot niet opgeheven, maar slechts teruggetrokken. Aan ‘inheemse schepelingen’, waaronder Molukkers, werd geadviseerd om of over te gaan naar de Indonesische marine, of te demobiliseren. Maar anders dan bij KNIL-militairen was deze keuze niet dwingend. Molukse marinemensen konden dus gewoon in Nederlandse militaire dienst blijven. Zij die daarvoor kozen werden met hun gezinnen overgeplaatst naar Nederland, de Nederlandse Antillen of naar Nederlands Nieuw-Guinea.

Met de boottransporten van 1951 kwamen 67 marine-Molukkers en circa 300 gezinsleden naar Nederland. Nog 32 anderen kwamen op andere wijze hierheen. In Nederland werden ze eerst opgevangen in voormalige werkkampen en marinepensions in Medemblik, Klundert, Arnhem en Doorn. Later werden ze normaal gehuisvest in de omgeving van marinekampen: in Den Helder, Amsterdam en Loosdrecht. De meeste marine-Molukkers zijn tot aan hun pensioen in dienst gebleven, zo ook opa Bantji.

Bron: Nationaal Archief

Meer informatie over Molukkers in de Koninklijke Marine is te vinden in het boek
“De laatste inlandse schepelingen. Molukkers in dienst van de Koninklijke Marine 1915-1965”, geschreven door Herman Keppy en verschenen in 1994

Nila, Gino, Ryu en Daud ingesprek met Ephraïm Patty

Volgens Nila kwamen haar oma en opa elkaar tegen in Makassar. “Vanuit het plaatsje Lolai Siapi vluchtte oma daar samen met haar broer naartoe. En opa was weer gestationeerd bij de marinebasis van Makassar.” Volgens haar kwam haar opa regelmatig langs bij de buren van oma Tien, waar ze elkaar al snel opmerkten.
Oma was toen zestien en opa een jaar of twintig. Toen oma zeventien werd zijn ze meteen getrouwd, op die leeftijd mocht toen je namelijk trouwen.”

Veel weten ze niet over de eerste jaren van oma en opa in Nederland. “Ze vertellen niet zoveel over vroeger”, zegt Nila. “Ik weet nog wel dat oma het toen ontzettend koud had, dat had ze ooit eens gezegd.”
Oma en opa kwamen in 1951 aan in Nederland, samen met hun oudste dochter Lineke. Oma was toen in verwachting van oom Eddy. Volgens Nila wilden haar grootouders het liefst in Den Helder wonen.
“Maar daar was geen plek meer, dacht ik. Toen zijn ze in Loosdrecht terechtgekomen.”

Het jubilerende echtpaar

De kleinkinderen hebben veel meegekregen van hun Molukse achtergrond. “Maar niet direct via oma en opa; vooral via onze eigen ouders, ooms en tantes”, vertelt Ryu. “Oma en opa hebben veel doorgegeven aan hun kinderen en die brengen dat weer over naar ons.
Wat zijn dan bepaalde zaken die ze mee hebben gekregen?
Daud: “Bijvoorbeeld dingen als onze geschiedenis, waar komt onze familie vandaan. Muziek en dans speelt ook een grote rol in de familie Lekranty en dat is ook iets waarmee ze zijn opgegroeid, vertelt Gino. Dat is ook niet verwonderlijk.

Zo begonnen oom Eddy, de vader van Ryu en Daud, en Gino’s moeder Julya eind jaren zeventig het succesvolle funkbandje Cheyenne, zijn oom Pierre en oom Victor ervaren musici en is Gino’s moeder inmiddels een gevestigde zangeres, vooral bekend als Julya Lo’Ko, waarbij ze haar moeders achternaam (Loko) gebruikt.
 

“lang zullen ze leven !”

“Oma praat trouwens wel veel met me over papa”, zegt Ryu. Zo vertelde ze hem dat oom Eddy al vrij snel volwassen werd, doordat opa vaak weg was met de marine.

“Hij was dan de man des huize en probeerde ook een voorbeeld te zijn voor zijn broertjes en zusjes.” Het was dan ook een enorme klap voor de familie toen hij op 38-jarige leeftijd om het leven kwam bij een vliegtuigongeluk. Volgens de vier moet dat ook zeker één van de moeilijkste momenten zijn geweest in de zestig jaar dat oma en opa getrouwd zijn, samen met het overlijden van een tweeling tijdens hun geboorte.

Ze vinden het niet moeilijk om aan te geven wat oma en opa het mooiste vinden aan hun huwelijk. “Hun kinderen, kleinkinderen en achterkleinkinderen en dan vooral de saamhorigheid onderling”, vertelt Daud. Nila beaamt dat. “Oma zegt ook altijd dat haar gezin haar allergrootste rijkdom is.”

Naar Startpagina

Oma Tien en opa Bantji Lekranty 60 jaar getrouwd (2)

Door: Ephraïm Patty

Loosdrecht, 5 januari 2008

60_jaar_klHet waren drukke dagen: het samenzijn van hun naaste familie tijdens hun huwelijksjubileum, het feest voor alle anderen dat twee dagen later plaatsvond, kerst en oud en nieuw. Ze hebben ervan genoten, vertellen oma Tien en opa Bantji, maar ze genieten nu toch ook wel weer van de rust. Het is dan ook een prima moment om nog even terug te komen op de verhalen van hun kleinkinderen.

Want in hoeverre klopt het beeld dat zij van hun oma en opa hebben eigenlijk?

“Ik heb mijn vrouw inderdaad ontmoet bij haar buren in Makassar”, vertelt opa Bantji glimlachend. Hij kwam in die tijd geregeld bij die familie langs omdat het ook een marine gezin was.
“Haar broer werd in eerste instantie boos op zijn zusje, hij kende me niet en wilde niet dat ze met mij omging.” Toch trouwden ze al een jaar na die eerste ontmoeting, die in 1946 plaats had gevonden.
In 1951 vertrokken ze met de boot Atlantis naar Nederland. “We woonden eerst twee jaar in Nijmegen voor we naar Medemblik gingen. Daar zaten we zo’n acht maanden”, vertelt oma Tien.

“En op 28 augustus 1953 kwamen we in dit huis in Loosdrecht te wonen.”
Opa kijkt haar lachend aan. “Je weet ook alles” Oma gaat onverstoorbaar verder met haar verhaal. “We konden ook naar Amsterdam, maar dat hoefde niet voor mij. Veel te druk. En we moesten dan ook in een flat gaan wonen.”
Den Helder was ook een optie. Maar het was niet zo dat er daar geen plek meer was, zoals haar kleinkinderen dachten. “Dat vond ik gewoon te ver.”

De eerste jaren in Nederland waren erg zwaar, vooral voor oma Tien.
“Ik zat inderdaad veel alleen thuis, omdat opa vaak weg was met de marine.
Ik kan me nog herinneren dat opa na een lange tijd weer terug kwam uit Curaçao, waar hij een tijd gestationeerd was.
Een van onze kinderen, Pierre, was toen twee jaar en noemde zijn vader steeds ‘oom’.
Hij herkende hem gewoon niet meer”. In die beginperiode in Nederland voelde het voor oma Tien soms net alsof ze in een gevangenis zat.
“Ik snapte niks van de taal, het was koud, opa was vaak varen en ik zat maar thuis met Lineke en Eddy.”

Kleinkinderen

Maar na verloop van tijd begon ze toch haar draai te vinden.
Oma Tien moet lachen als ze hoort dat haar kleinkinderen opa vooral vroeger best streng vonden. “Hij is niet streng voor zijn kleinkinderen hoor, wel voor zijn kinderen.” Opa Bantji vindt het ook wel meevallen. “Maar soms waren ze gewoon ontzettend druk, dan bleven ze maar door de kamer rennen.
Ze hielden pas op als ik dan heel hard riep, dat klopt.”

Ze hebben geprobeerd hun kleinkinderen veel bij te brengen over hun achtergrond. “Het is voor hen belangrijk om te weten waar ze vandaan komen.”
Het echtpaar heeft in die zestig jaar veel meegemaakt. Het zwaarste moment was inderdaad het verlies van hun oudste zoon Eddy, vertelt oma. Voor even valt er een stilte in de woonkamer. “Maar God heeft voor iedereen een pad uitgekozen.
Dat hebben we te accepteren”, zegt opa.
De kleinkinderen hadden het goed toen ze zeiden dat hun gezin het mooiste is wat het huwelijk heeft voortgebracht.

“Ik geniet van momenten als deze”, zegt oma. “Rustig thuis zitten met opa, onze kinderen en kleinkinderen die af en toe langs komen. Daar ben ik God heel dankbaar voor.” Opa knikt instemmend, terwijl oma verder praat. “We mogen dan niet rijk zijn qua geld, maar ik voel me wel heel rijk dankzij mijn gezin.”
Ze moet glimlachen als ze hoort dat haar kleindochter al zei dat ze dat zou zeggen.
“Maar het is echt zo.”

Naar Startpagina

TNS (Teun-Nila-Serua eilanden) – Visie dag

Als vervolg op het succesvol TNS-weekend in mei 2006, organiseert de Visiegroep “TNS naar de Toekomst” deze TNS-dag.
De Visiegroep “TNS naar de Toekomst” is ontstaan uit de bespreking tijdens dit TNS-weekend.

TNS (Teun-Nila-Serua)-eilanden, zijn drie kleine eilanden in de Zuid-West Molukken. In Nederland vormen de TNS’ers een kleine Molukse minderheid

De Teoneze families in Nederland zijn : Kurmasela en Nuniary.
De Nilanezen in Nederland dragen de volgende namen : Marantika, Letwory, Tanate, Sarioa, Korlefura, Serpara, Lekransy, Lekranty, Leunura, Liptiay en Tuakora.
De Seruanezen in Nederland zijn herkenbaar aan de familienamen: Resley, Wonmaly, Pormes, Kunu, Tutkey, Luturkey, Pelmelay, Talaksoru, Rittiauw, Jasso, Workala en Kilay.

Locatie: Het Moluks Cultureel Centrum Gosepa
Gooierserf 122
1276 KV Huizen

Dag Programma: 13.00 -18.00 uur

  • Ontvangst: 12.00 uur.
  • TNS’ers 1e, 2e ,3e en latere generaties
  • “Praat mee ? Denk mee ? Beslis mee.
  • ” Ander activiteiten waaronder ‘Papeda(slurp) Wedstrijd’

Avond Programma 19.00 – 24.00 uur Ook voor niet TNS’ers

  • Dansen van streetdancing tot Salsa
  • Workshop Salsa
  • Demonstratie Streetdancing
  • Demonstratie Salsa
  • Dans en zang optreden van 3e en 4e generatie

Muzikale ondersteuning wordt verzorgd door: SABOR.
SABOR staat voor ‘smaak, pit en geestigheid’

Toegangsprijzen:
Dag en avondprogramma € 8,00
Avondprogramma € 10,00

Warme maaltijd: per portie € 7,50
Frisdrank etc. op eigen rekening
Koffie en Thee gratis.

Naar Startpagina

Geen Nijmeegse 4-Daagse maar Walk Challange China 2008

WandelOnze wandelactiviteiten in 2008 staan in het teken van de Walk Challange China 2008.
De wandelagenda is hierdoor op enkele punten gewijzigd.  Zo, laten we dit jaar, met heel veel pijn in ons hart, de Nijmeegse 4-Daagse schieten.
In 2 weken de Nijmeegse 4-daagse lopen, reizen naar China, en daar deelnemen aan de ‘pittige’ Walk Challenge China 2008, is voor ons roofbouw plegen op ons lichaam.
Als voorbereiding op de Walk Challange China 2008, gaan we de komende maanden, veel mee doen met de wandelmarsen. Ook belangrijk zijn de heuveltrainingen.
Want in China willen we goed lopen en daarnaast  nog volop genieten van het land van de draak en …. reuzenpanda’s.

2e Plus Wandel4Daagse Alkmaar
In plaats van de Nijmeegse 4-Daagse, lopen we van 18 tot en met  21 juni 2008, de 2e Plus Wandel4Daagse Alkmaar.
Vorig jaar vond de 1e editie plaats. Het was zo’n succes geweest, dat een vervolg, vanzelfsprekend was.
Met maar liefst 2.703 inschrijvingen genoten vele wandelaars en nordic walkers vier
dagen lang van het prachtige parkoers en de vele festiviteiten in en rondom Alkmaar.
Elke dag start en finish de wandelaars vanuit verschillende locaties in Alkmaar, waardoor de routes zeer afwisselend zijn.
Op de 4e dag werden de wandelaars binnengehaald met een feestelijke intocht door de binnenstad van Alkmaar. De finish van de 4e dag was op het Waag plein in het centrum van Alkmaar, de Kaeskoppen Stad.
Immers, Alkmaar staat over de hele wereld bekend om haar kaasmarkt, een traditie sinds 1593.  Jaarlijks bezoeken ca. 100.000 mensen deze kaasmarkt.

Waagplein - Alkmaar

Le Champion
Le Champion, die de Dam tot Damwandeltocht, Egmond Wandel Marathon en Wandel 4-daagse in Ubud Bali  (i.s.m. The Advanced Travel Partner) organiseert, heeft in Alkmaar ook de regie in handen.
Le Champion is een vereniging met bijna 4.500 leden, verspreid over heel Nederland en daarbuiten.
Jaarlijks organiseert LC meer dan tweehonderd evenementen op fiets-, hardloop- en wandelgebied.
De evenementen zijn zeer divers. Zo zijn er in het programma zowel fietstochtjes van dertig kilometer voor het hele gezin als massale evenementen als de Ronde van Noord-Holland opgenomen.
Op loopgebied organiseert Le Champion naast een aantal kleinere evenementen de landelijk bekende Dam tot Damloop en de Egmond Halve Marathon.
Ook in het buitenland is Le Champion actief. Naast fietsvakanties in Europa en daarbuiten is Le Champion ook de organisator van Luik-Bastenaken-Luik met 5.000 deelnemers.

Naar Startpagina

Terug naar de jungle (boek)

Sabine“Als een verloren ziel dwaal ik rond, altijd op zoek naar innerlijke vrede en naar een antwoord op de vraag waar ik thuishoor.
En hier, in mijn vaderland, zal ik die vrede vinden. Want ik ben geen Duitse. Mijn huid is blank en mijn ogen zijn blauw, maar ik heb een hart van een Papoea.

 
Ik bracht mijn kinderjaren en een groot deel van mijn jeugd door in het afgelegen Verloren Dal (Centraal West Papoea – Voormalig Ned. Nw-Guinea) , midden in het gebied van de Fayu.
Ik heb nog altijd heimwee naar de jungle van West Papoea, hoewel ik ondertussen vele jaren in de westerse beschaving heb doorgebracht.
Het is mijn diepste wens eindelijk naar huis te keren

 
Ik ben Sabine Kuegler. Geboren in Nepal en groeide op in de jungle van West Papoea. Op mijn 17e verhuisde ik naar Zwitserland. Studeerde economie en heb een eigen mediabedrijf. Met mijn vier kinderen woon ik in de buurt van Hamburg”.
 
Van Sabine verscheen eerder het boek: Dochter van de jungle, dat een internationale bestseller werd.
(ISBN 978 90 5831 431 4)
 
Recentie: Op nuchtere en eenvoudige toon geeft Sabine Kuegler een verslag van haar jeugd bij de Fayu. Haar verhaal is eerlijk, ontroerend, soms vreselijk grappig en natuurlijk uniek. Een leuk extraatje zijn de foto’s waarmee het boek geïllustreerd is, zodat je ook gezichten bij het verhaal ziet. Haar liefde voor de jungle en de Fayu stralen van het hele boek af. Maar ook de problemen die ze krijgt als ze ouder wordt, en de vervreemding van beide culturen zijn begrijpelijk en goed beschreven.
Het verhaal heeft me van begin tot eind geboeid.

Tuare, Bare en Sabine toen

Haar 2e boek Terug naar de jungle is een echte aanrader.
(ISBN 978 90 5831 442 0)
 
Na meer dan vijftien jaar keert ze terug naar de magische plek uit haar jeugd.
Al snel blijkt dat het paradijs van haar kindertijd niet meer bestaat: de natuurlijke harmonie is verstoord en het geïsoleerde bestaan van de Fayu wordt bedreigd door de oprukkende westerse beschaving. De regering van Indonesië onderdrukt elke vorm van weerstand door de onafhankelijkheidsbeweging met geweld.
Sabine Kuegler ziet zichzelf als Europeaan, als vreemdeling, gedwongen een kant te kiezen in dit conflict.
 
Oude gewoonten en gebruiken verdwijnen langzaam. Tegelijkertijd maakt ze van de gelegenheid gebruik om de politieke situatie  in West-Papoea te schetsen.
Na een korte uiteenzetting van de geschiedenis van de machtsverhoudingen, vraagt ze aandacht voor de situatie Papoea’s die in vrede en vrijheid willen leven, terwijl door de Indonesische regering iedere strijd voor onafhankelijkheid met geweld de kop in wordt gedrukt…

Tuare, Bare en Sabine nu

Was het eerste boek nog bijna een naief sprookje van een blank meisje dat opgroeit in de jungle, dit boek is niet meer zo licht en luchtig. Het weerzien en haar liefde voor de Fayu zijn nog steeds ontroerend, maar door haar volwassen kijk op zowel de algemene als politieke omstandigheden van de stam krijgt het verhaal toch zijn donkere kanten. Ondanks dat blijft het een boeiend en uniek verhaal dat ze vertelt.
De schrijfstijl van Sabine is prettig en het verhaal is geïllustreerd aan de hand van zowel zwart-wit als kleurenfoto’s.
 
Info’s: Boeken rubriek en het boek Terug naar de jungle.
Foto’s: Sabine Kuegler
 
Naar Startpagina