Onvergetelijke boottocht (van Ambon naar Banda)

Uit: Een noken vol herinneringen

Medio juli 1995 maakten we met onze dochters, bevriend echtpaar, neef, nicht en hun vrienden (totaal met 10 personen) een reis naar Indonesië.
Vanuit Jakarta bezochten we Bandung, Ciater, warm water bronnen en Tangkuban perahu (omgekeerde prauw), een actieve vulkaan. Na een week West Java, vlogen we naar de Molukken, waar we twee weken verbleven.
De laatste week in de voormalige Gordel van Smaragd brachten we door in Kuta (Bali), om te genieten van de zon, strand, zee, lekker eten en de massages.
Op de Molukken logeerden we bij nicht Mila op Ambon en van hieruit maakten we tochten naar verschillende eilanden op de Molukken.

KM Renjani van Pelni foto© Ahiolo

Naar de Banda eilanden
De dag voordat de KM Renjani van Pelni (Pelayaran Nasional Indonesia), de haven van Ambon binnen voer, hadden we in een lokale reisbureau onze tickets gekocht voor een boottocht naar Banda.
Een bootreis van zes uren in een “love boat”, dat is een geweldig vooruitzicht. Economy class ticket leek ons goed genoeg voor zo’n korte trip. Vanuit Jakarta had neef Utha zijn business-vriend in Ambon gebeld om voor onze komst, in Banda te zijn en onderkomen te regelen.
Gelukkig ook, want een logeeradres voor 10 personen is niet in een uur te regelen. Vanuit Ambon ging neef Buang met ons mee om oogje in het zeil te houden.

Toen we de kade van ‘pangkalan’ (haven) Ambon op liepen, was het daar een drukte van jewelste. Honderden mensen, stapels dozen vastgebonden met touwen, koffers enz…
De bagages worden in Indonesië vaak in dozen verpakt. Bij de eerste sein moesten we aan boord. De passagiers proberen zo snel mogelijk aan boort te zijn om een (zit) plaatsje te bemachtigen, immers de economy class-tickets kent geen besproken plaats. Wie het eerst komt, die het eerst maalt.

Pangkalan pelabuhan Ambon (kade van de haven op Ambon) Foto © Ahiolo

Boarding
Dringend, duwend en trekkend bewoog de massa zich richting de ingang, terwijl de ingehuurde bagage-kruiers, de dozen aan boord droegen en via dezelfde weg, wringend terug naar de kade.
Het was zeker geen ‘love boat’ eerder een scene uit een oorlogsfilm, waarin men op vlucht waren en met de laatste boot mee moest. Wat een drama, huilende kinderen die met de massa waren meegesleurd terwijl de ouders enkele meters achter ze waren.
Dit, hadden we zeker niet verwacht, ook de meisjes begonnen te huilen. Door met mijn rugzak heen en weer te zwaaien, hield ik mensen op een afstand.

“Beta pung tas (mijn tas)” riep een meisje voor me. Ze werd vooruit geduwd terwijl haar arm met haar tas klem zat tussen de mensen. “nona, lapas jua, nanti om bawa!” (Laat je tas maar los, oom neem het wel voor je mee!)
Ik nam haar tas over, maakte me breed en wrong langzaam naar de ingang, achter mij de rest van ons gezelschap.
50 meter verder op, bij een andere ingang, liepen de andere passagiers heel relax de trap op om in te checken. De passagiers van de 4e tot en met de 1e klasse hebben nl. aparte ingang.
Ik kreeg gelijk spijt van dat ik economy class ticket had gekocht.

‘Vechten’ om een plaats
Eenmaal aan boord begon het gevecht om een zitplaats. Op elke vrije ruimte zelfs op de gangpaden zitten of liggen mensen op matten, omringd door grote hoeveelheid bagage.
Eindelijk vonden we op de grond een plek waar we met zijn allen konden zitten. De reden van dit alles is dat de maatschappij 3 of misschien zelfs 4 maal zoveel economy class-tickets verkoopt dan aantal beschikbare plaatsen.
Ticket 4e klasse geeft recht op een plaats in een kajuit met 8 mannen of 8 vrouwen.
3e klasse, een plaats in een kajuit met 6 mannen of 6 vrouwen.
Alleen in het 1e klasse, 2 persoons-kajuit is een koppel toegestaan. De boot had inmiddels het anker gelicht en voer de haven van Ambon uit. Van uitzicht op de haven konden we helaas niet zien.
De deuren van de economy class werden gesloten, om zodoende de ticketscontrole te kunnen doen.

De tijd overbruggen met.... Foto © Ahiolo

Economy class
Economy class is niet meer dan een plek op het binnendek, waar men op een ‘tikar’ gevlochten matje kan zitten of liggen.
Eénmaal een plek gevonden, leek het of men zich berust in de situatie, er viel natuurlijk weinig aan te veranderen. De passagiers spraken of speelden kaart met elkaar.
Onze groep wekte veel belangstelling van de Indonesiërs. Immers 4 van ons zijn blank. In gebroken Engels probeerden de Indonesiërs met onze blanke vrienden te communiceren.
Op de televisie, die aan de muur hangt, werd een voetbalwedstrijd uitgezonden.
Een Europacupwedstrijd tussen Ierland en Denemarken.
Toen ze wisten, dat we uit Nederland kwamen, werden al gauw de Molukse- Nederlandse voetbalsterren geroemd: Simon Tahamata, Giovanni Van Bronkhorst. Er heerste een gezellige sfeer. Wel een heel aparte ervaring om ook zo te reizen, samen met het ‘gewone’ volk.

Het ‘love boat’ gevoel
Na de ticketscontrole konden we het buitendek op en genoten van de mooie Amboina baai.
We voeren de Bandazee op, een randzee van de Grote Oceaan, gelegen tussen Celebes in het westen, de Molukken in het noorden en Timor in het zuiden. De diepste zee ter wereld.
Heel in de verte zwom een school dolfijnen ongestoord. Van ons hadden ze geen last.
Genietend van de zon, frisse wind en een drankje, kregen we toch nog een ‘love boat’ gevoel.
Het gevoel van onbehagen maakte langzamerhand plaats voor vrolijkheid en blijheid.

Het 'love boat' gevoel

Aankomst
Na ongeveer zes uren varen daagde voor ons het vulkaaneiland Gunung Api (letterlijk vertaald Vuur berg) dat tot de Banda eilanden behoort.
De Banda-eilanden bestaan uit Banda Neira, Lontor (Banda besar), Pulau Ai, Pulau Run, het vulkaaneiland Gunung Api en enkele kleine eilandjes.
Dit beeld heb ik altijd in mijn herinneringen als we over Banda hebben. Onderweg van Ambon naar Merauke (voormalige Ned. Nw-Guinea) in 1948, hadden we ook Banda aangedaan.
De Gunung Api werd steeds groter en groter toen we de Banda eiland naderden. Toen de KM Renjani om de baai voer zagen we de haven van Neira voor ons. De kade was druk bevolkt met mensen die hun familie, vrienden kwamen ophalen of uitzwaaien, of misschien zelf met de boot mee wilden.
Hier eindigde onze onvergetelijke boottocht naar de eens, zo beroemde VOC eilanden van nootmuskaat en foelie.

De Gunung Api in de verte.....

Naar Startpagina

Gezichten (verslag ‘ML-Solidariteitsloop’ van 4 oktober 2008)

Verslag: Mozes Soumokil loper van Maluku Lari

Het eerste wat opvalt bij binnenkomst in de sporthal  De Zuidplas in Moordrecht op 4 oktober  2008 , zijn de vele gezichten links en rechts naast het grote podium. Het zijn fotoâ’s  van mensen die op dit moment vast zitten op de Molukken omdat ze opkomen voor hun recht van vrije meningsuiting.

Terug in de ochtend te Capelle aan den IJssel in het stichtingsgebouw Nunu Mahua. De sfeer is ontspannen en druppelen de hardlopers en vrijwilligers  één voor één binnen.
Je ziet lachende gezichten, maar ook gespannen gezichten. Even later komen twee ˜bekende gezichten binnen.
Het zijn twee talentvolle altetes van Molukse afkomst: Loreanne Kuhurima (4x Nederlands Kampioen bij de junioren, dit jaar op de 200 m) en Esther Akihary (Nederlands Kampioen 200 m).

Beiden zijn enthousiast en willen graag hun bijdrage leveren om de solidariteitsactie van Maluku Lari te ondersteunen. Na een openingswoord door de heer Jaco Metekohy van PAK (Perintis Aktie Kilat), volgt een heuse work-out met tv-beelden als warming up.

De heer A. Kappuw gaat voor in gebed gevolgd door een korte toespraak door de burgemeester van Capelle aan den IJssel mevrouw van Doorne.

Ondanks de ligging Noorderbreedte 101, is er even verwarring voor het startsein, welke kant de lopers op moeten!
Meteen na het startsein, dat door de burgemeester wordt gegeven, zit de sfeer goed in onder de lopers. Er worden onderweg traditionele Molukse liederen gezongen en worden de lopers vergezeld door fietsers, motorrijders, volgauto’s, een filmploeg en de politie. Op diverse punten langs de route worden de twee topatleten aangemoedigd.

Bij de 5 km-punt vlak bij Van der Valk hotel in Nieuwerkerk aan den IJssel is het niet alleen tijd voor drank en fruit, maar ook ‘verse’ lopers, zij kunnen zich aansluiten bij de groep.

In Moordrecht aangekomen, bij het 1 km-punt, staan mensen te wachten met RMS-vlaggen.
De lopers zetten vol trots hun route voort richting de Molukse wijk.
Onderweg, bekende gezichten van vrijwilligers en verkeersregelaars zodat de lopers veilig kunnen finishen.


Foto: Weblog Harry van Bommel (Molukse cheque)

In de Molukse wijk wordt een ererondje gemaakt en daarna door naar de Zuidplas om daar te finishen. .De lopers worden binnen gehaald met tifatrommels . De organisatie is goed te noemen en wordt er goed voor de hardlopers gezorgd. Na een fotosessie met o.a. de burgemeester en wethouder van Moordrecht, volgt de officiele openingsceremonie, nadat de drie solidariteitsgroepen te weten Maluku Lari, Kawan2 Jalan (wandelaars) en Satu Darah motor club. gearriveerd zijn.

Met een korte toespraak wordt in vogelvlucht de acties van ML in de loop der jaren toegelicht en na een korte introductie, wordt een statement door Esther Akihary namens ML aan 2e kamerlid de heer drs. H. van Bommel overhandigd.

Zaterdag 4 oktober – Benefiet Mensenrechten Maluku – opgezet door PAK (Perintis Aktie Kilat) en FKMCPR (Foundation for Keeping Moluccan Civil- and Political Rights) is een dag met vele gezichten. Blijheid, trots, voldaan, vrijheid, herkenning maar ook verdriet, pijn bitterheid en teleurstelling.

Naar Startpagina                 Lees ook de Solidariteitsoproep ‘Maluku Lari’

Solidariteitsoproep “Maluku Lari”

Loopgroep Maluku Lari roept allen op, om zaterdag 4 oktober a.s.tijdens een 1-5-10 km-loop van Capelle a/d IJssel naar Moordrecht, opeen sportieve en vreedzame manier, de aandacht te vestigen op de mensen op de Molukken, die door het dragen van de Molukse vlag gevangen zijn genomen.

Ook willen wij een financiële bijdrage leveren, om ze sociaal-maatschappelijk, economisch en juridisch te helpen bij de pijnlijke en erbarmelijke omstandigheden, waar sommigen van de vlaggenisten en hun familieleden (nog steeds) in verkeren.

Als uiting van solidariteit, wordt aan iedere deelnem(st)er verzocht,om tijdens de loop, de Molukse vlag kenbaar met zich mee te dragen die symbolisch staat voor de vrijheid die wij hier hebben. Dit gebeurt als één groep, niet individueel.
Dus, samen starten en samen finishen!

Verzamelpunt
Het verzamelpunt is Stichting Nunu Mahua, Noorderbreedte 101 te Capelle a/d IJssel waar u zich kunt verkleden, inschrijven en uw verkoop-je-loop formulier in kunt leveren.
Het verkoop-je-loop formulier is te verkrijgen bij een van de hieronder genoemde contactpersonen.

Zaal open: 09.00 uur
Start in Capelle a/d IJssel (Stichting Nunu Mahua, Noorderbreedte 101): 11.00 uur.
Finish in Moordrecht (onder voorbehoud: Ambonwijk, Pr. Wilhelminastraat): 12.30 uur.

Instructie inschrijving, start en verzamelpunt: 10 km:
Inschrijving: 10 euro p.p. (is tevens entreebewijs voor benefietconcert) bij Stichting Nunu Mahua, Start om 11:00 uur bij Stichting Nunu Mahua, Noorderbreedte 101 te Capelle a/d IJssel
5 km:
Inschrijving: 10 euro p.p. (is tevens entreebewijs voor benefietconcert) bij Stichting Nunu Mahua, verzamelpunt 11:15 uur bij Van de Valk Hotel, Parallelweg zuid 185 te Nieuwerkerk a/d IJssel,Start 11:45 uur
1 km:
Inschrijving vrijwillige bijdrage, verzamelpunt en inschrijving vanaf11:45 uur bij de Nieuwe begraafplaats, Middelweg 45a te Moordrecht,Start 12:15 uur

Een karavaan van motorrijders o.l.v. “Satu Darah” startend vanuit Groningen en een wandelmars van “Kawan-Kawan Djalan” startend vanuit de Molukse wijk Alphen a/d Rijn worden ook in Moordrecht tussen 12.30 uur en 13.15 uur verwacht.

Info: Contactpersonen Maluku Lari
Telefoon:
Joop Matahelumual – 06-48546097     Joseph Telussa – 06-41172563
Ronald Matulessy – 06-51159191        E-mail: loopgroepmalukulari@hotmail.com

Naar Startpagina                                   Lees het verslag “Gezichten”

Impressie van de 6e Molukse Ouderendag 2008

Stil genietend, voor zich uit kijkend naar het podium, waarop demonstratie ‘ouderen in beweging’ plaats vond, zit hij daar.
Een Molukse man, naar schatting moet hij over de 80 jaar oud zijn. “Dag Om” zeg ik “Om rasa senang, Om bisa datang disini ?”. Ambonese oudere mannen voelen altijd vereerd om met oom aangesproken te worden. Dat schept immers gelijk een band.
Ik vraag hem in het Ambonees of hij blij is om hier te kunnen komen. “Ia nyong, ini katong pung hari, kalau beta seng sakit beta selalu mau datang”  zegt de hoog bejaarde oom. (Ja, dit is onze dag, als ik niet ziek ben wil ik altijd komen).
Hij is één van de Molukse ouderen, die van uit heel Nederland met de bus naar de Molukse Ouderendag in de Veluwehallen te Barneveld is gekomen. Ze zijn heel vroeg van uit het Almelo vertrokken om op tijd hier te zijn.

Zes jaar geleden, organiseerde Stichting Pelita voor het eerst de Molukse Ouderendag. Deze ontmoetingsdag, die bedoeld is voor de 55-plussers, is voor de Molukse ouderen niet meer weg te denken.  Voor sommigen is het hun jaarlijkse uitje.
Elk jaar neemt het aantal bezoekers toe. De organisatie moet zelfs een maximale bezoekersaantal vaststellen (i.v.m. de brandveiligheid van de locatie). De belangstelling voor deze dag is enorm, ook door de ‘jongeren’. Via het Molukse Radioprogramma: Suara Maluku doet men een oproep aan de ‘jongeren’ om alléén te komen als begeleider.

Dames Tifagroup uit Nijverdal

Vandaag, zaterdag 28 juni 2008, is het zover. Het programma begint om 11.00 uur en duurt tot 18.00 uur.

Verschillende sprekers en Molukse artiesten staan op het programma. In de aangrenzende zalen is er gelegenheid om elkaar te ontmoeten, samen te eten en te drinken en als het allemaal te veel wordt, dan kan men in de rust-zaal op adem komen.

H.ou.J.S.T.D. band

In de grote (sport)hal is er geen vrije stoel meer te vinden, slechts nog enkele zitplaatsen op de tribune. Hier vinden de meeste activiteiten plaats. De dag wordt geopend door Tifagroep uit Nijverdal. De sprekers komen aan het woord. Tot de sprekers behoren de directeur van Stichting Pelita mevrouw Harriet Ferdinandus en burgemeester Jansen van Krimpen aan den IJssel.  De heer Jansen vertelt enthousiast over hun project op de Molukken. Met zijn vrouw is hij op de Molukken geweest, ter illustratie besluit hij zijn speach door enkele zinnen in het Maleis te zeggen.

Dat Molukkers van muziek en dansen houden, is alom bekend. Vandaag krijgen ze volop de kans om te genieten. Voordat de band met de eerste akkoorden speelt, staan ze al op de dansvloer…. en dan, allemaal de zeer populaire Poco-poco doen. Dat is een soort line-dans. In Indonesië geintroduceerd en geliefd gemaakt door de bands uit Papua, onder de naam Jospan, een afkorting van Josim Pancar. Josim is een Papua dans. Later werd Jospan omgedoopt tot Poco-Poco, wat meer moderner en Indonesischer klinkt. (Lees ook de Reacties)

Voor de muzikale omlijsting zijn groepen van verschillende genres gecontracteerd. Dus variatie genoeg. Van de H.ou.J.S.T.D. Band, Frans Salawanej, Zangkoor uit Assen tot Vocalgroup Nunusaku uit Capelle aan den IJssel en als verassing, helemaal uit Jakarta Gerson & Friends.  Naast dit muzikaal geweld genieten we ook van Dames Tifagroep Nijverdal, de demonstratie Beweging voor Ouderen door de ouderen uit Moordrecht. Ook de jeugd uit Breda is van de partij. Onder naam Taupou Manaia Toma laten ze ons hun schitterende Auana Hula dans zien. Vooral met hun soepele heupbewegingen, krijgen ze  het publiek uit hun dak.

Nel Lekatompessy

En tot slot entertainment van de hoogste plank. Nel Lekatompessy neemt het publiek mee met haar sketches terug, naar voor hun herkenbaar verleden: de Woonwijken. Dat doet ze door een fietstocht te maken van de ene woonwijk naar de andere. En dat doet ze helemaal in het Ambonees. Nel is verhalen-vertelster en actrice van Moluks afkomst, ze is actief in het Theatergroep Delta.

De sfeer die hier heerst, is niet te beschrijven. Overal blije gezichten, druk gepraat, herkenning, omhelzingen…. Het was meer dan een reünie, want ook nieuwe vrienden worden gemaakt. Het is één hele grote familie bij elkaar…
“Molukse Ouderendag, een onvergetelijke dag, wat een feest …. Amatoooo sampai tahun depan …….. (tot ziens en tot volgend jaar)”

Hieronder klikken om de foto’s te bekijken   Foto’s © Ahiolo
Molukse Ouderendag 2008

Naar Startpagina

Het verdriet van Ambon (boek)

Een kroniek over de geschiedenis van de Molukken die leest als een spannend reisverslag. Geschreven door Tjitske Lingsma.
Tjitske Lingsma (1960) is freelancer. Vanaf 2000 bezocht ze vele malen de Molukken. Ze schreef artikelen en reportages voor o.a. Elsevier, VN, Trouw, AD, het FD, VNG en berichtte voor CNN.

‘Een grijs ochtendlicht hangt over het eiland als het passagiersschip de baai van Ambon binnen vaart. Het is 3 mei 2000. Ik ben op weg naar de Molukken voor reportages over de broederstrijd tussen christenen en moslims die bijna anderhalf jaar duurt. ‘Dit is de dodenweg’, zegt de militair, die mij na aankomst een lift geeft, als we door een gebied met karkassen van verwoeste huizen rijden. Welkom op Ambon. Op dat moment kan ik niet bevroeden dat dit het begin is van een avontuur dat acht jaar zal duren.

‘Nee, u kunt beter niet komen. Het is veel te gespannen’, zegt Abdullah Soulisa (80) via de telefoon. Ik dring aan. Een dag later ontmoet ik de moslimleider om de islamitische kant van het verhaal te horen. Hij en zijn vrouw sloegen al op de eerste dag van de burgeroorlog, 19 januari 1999, op de vlucht. Nu wonen ze in het islamitische deel van de stad, waar moslims en christenen sinds de religieuze zuiveringen volledig gescheiden van elkaar leven.

Aan de andere kant van de front-linie tref ik de christelijke Nelly Gaspersz (74). Als ze me meeneemt naar de plek waar ooit haar huis stond, zie ik een Davidster op een muur gekalkt. ‘Wij zijn Israël. De moslims zijn de Palestijnen. De weg die hier vlakbij loopt, is de Gazalijn’, proest ze.
Maar enkele dagen later barsten de gevechten in alle hevigheid los. Overal ontploffen bommen en ratelen machinegeweren. Alles wat ik zie roept vragen op: wie draait hier aan de knoppen, wie is slachtoffer, wie is dader. Zo begint mijn speurtocht naar de wortels van het conflict, die mij terugvoert naar het verre verleden. Ik ontdek hoe de VOC hele eilanden heeft uitgemoord om het monopolie op de specerijhandel te verkrijgen. Tot mijn verbijstering hoor ik premier Balkenende pleiten voor een terugkeer van de VOC-mentaliteit.

Op mijn ontdekkingsreis laat ik me gidsen door manuscripten, studies en vele Molukkers. De echtparen Soulisa en Gaspersz blijken perfect voor een hoofdrol. Mijn onderzoek wordt lastiger als de Indonesische autoriteiten in 2001 besluiten dat buitenlandse journalisten geen ambtenaren op de Molukken mogen interviewen. In 2002 wordt het gebied zelfs afgesloten. Als ik toch binnen weet te glippen, kan ik eindelijk de Molukse families opzoeken met wie ik vertrouwd ben geraakt. Opgelucht haalt Nelly adem als ik heelhuids terugkeer van helse glibbertochten door de bergen op zoek naar historische locaties.

Inmiddels tekent zich een broze vrede af. Als buitenstaander krijg ik van mensen te horen wat ze hebben uitgespookt tijdens de burgeroorlog. Maar onderling zwijgen moslims en christenen over hun daden. De toekomst zal uitwijzen of verzoening zonder waarheidsvinding mogelijk is.’

Tekst: Tjitske Lingsma

‘Het verdriet van Ambon’ verschijnt bij Balans (ISBN 9789050189286)

Lees ook:  Herinneringen Molukse Christenen zijn weggewist  (ook van Tjitske Lingsma)
Intervieuw met Tjitske Lingsma

Tjitske Lingsma wint Dick Scherpenzeel Prijs 2008
De Dick Scherpenzeel Prijs 2008 is gewonnen door Tjitske Lingsma met het boek Het verdriet
van Ambon – Een geschiedenis van de Molukken.
“Op de eerste bladzijde heb je het al in de gaten: hier is iemand aan het woord die kan schrijven. Zelden zien we zo’n gaaf voorbeeld van betekenis gevende reisjournalistiek,” oordeelde de jury. De Dick Scherpenzeel Prijs bedraagt 10.000 euro.
Tjitske Lingsma reageerde enthousiast: “Deze prijs betekent erkenning. Het is een soort super-
recensie. Geweldig om lof te krijgen van een vakjury van zeven deskundigen.”

Naar Startpagina

Televisiefilm over treinkaping bij Wijster

Donderdag, 29 mei 2008 om 20.25 uur op Nederland 3

Het is 2 december 1975. De zestienjarige Susan houdt haar vader te lang aan de praat waardoor hij de sneltrein naar zijn werk mist. Later die dag komt ze erachter dat hij in de stoptrein van Groningen naar Zwolle zit die door een groep jonge Molukkers is gekaapt.
Zij eisen dat de Nederlandse regering zich eindelijk inzet voor hun streven naar een Vrije Republiek de Zuid Molukken. Er vallen doden en ook Rob dreigt geëxecuteerd te worden als de eisen van de kapers niet ingewilligd worden.
Hij heeft zijn gezin verwaarloosd en het niet zo nauw genomen met de huwelijkse trouw. Rob heeft hier spijt van, maar krijgt hij de kans om zijn leven te beteren? …….

Bron: EO Visie

De film
De film krijgt de naam ‘Wijster’ en wordt op 29 mei 2008 door de Vara uitgezonden. De regie is in handen van Paula van der Oest en het scenario is van Nicolette Steggerda. Zij is de dochter van de toenmalige hoofdredacteur van het Nieuwsblad van het Noorden (nu: Dagblad v/h Noorden), Ger Vaders. Hij was een van de gegijzelde passagiers. De heer Vaders hield een dagboek bij en schreef later het boek ‘IJsbloemen en witte velden’ over zijn ervaringen. De hoofdrol in de film is voor Jaap Spijkers, recentelijk nog te zien in de film ‘Nachtrit’ en de komedie ‘Ober’. Spijkers vertolkt de rol van Vaders.
Veder spelen mee: Roos Netjes, Anniek Pheifer, Gerson Oratmangoen, Ambonwhena Aratuaman, Joshua Timisela, Ayala P.F. Telehala, Dave de Fretes, Marlies Heuer, Lore Dijkman.

De kaping
Op 2 december 1975 vond de treinkaping bij Wijster plaats. Om 10.07 uur die ochtend werd de stoptrein Groningen-Zwolle tot stilstand gebracht tussen de weilanden bij het dorp Wijster. Zeven Zuid-Molukse jongeren hadden de trein gekaapt in hun streven naar een vrije Republiek der Zuid-Molukken. De actie duurde twaalf dagen en er vielen drie doden.

Achtergrond
De Zuid-Molukse KNIL-militairen in Nederland, kwamen in 1951 met 12.000 personen voor een tijdelijk verblijf. Zij stonden na de Japanse capitulatie in Nederlands-Indië in 1945 vooraan in de strijd met het Nederlandse leger tegen de troepen van de Indonesische Republiek. De laatsten wilden soevereiniteit over het eilandenrijk en duldden het Nederlandse gezag niet langer. De Zuid-Molukkers, voornamelijk protestant, hebben zich tijdens de koloniale overheersing door Nederland altijd gezagsgetrouw getoond aan het Nederlandse gezag.

Onder druk van de VS, die dreigden Nederland geen Marshallhulp te geven, werd in 1949 de Republiek Indonesië« een feit. De Zuid-Molukkers wilden een eigen republiek stichten met als belangrijkste eiland Ambon. De overmacht van het Indonesische leger was echter te groot om hun ideaal te verwezenlijken. Ook vreesden zij achtergesteld te worden in een voornamelijk Islamitische staat. De toenmalige Nederlandse regering beloofde hen te helpen t.z.t. hun droom van een vrije Republiek der Zuid-Molukken te verwezenlijken.

De treinkapingen (in 1977 werd een trein bij De Punt gekaapt en een school in Bovensmilde gegijzeld) hadden hun oorsprong in de frustratie van de jonge generatie die meende dat Nederland te weinig deed om hun doel te bereiken.

De afloop
Bij aanvang van de kaping werd de machinist doodgeschoten. Toen bleek dat de Nederlandse overheid (kabinet Den Uyl) de eisen niet snel wilde inwilligen, werd een dienstplichtig militair gedood. Op 4 december werd een derde gijzelaar doodgeschoten. De lichamen van de gedode gegijzelden werden uit de trein gegooid en bleven daar enkele dagen liggen, voordat toestemming werd gegeven om ze weg te halen. Op 14 december gaven de kapers zich over, waarbij meespeelde dat er berichten waren over represailles op de Molukken. Bovendien was het intussen flink gaan vriezen, waardoor het verblijf in de trein ook voor de kapers onaangenaam werd. Tijdens hun berechting in 1976 werden ze tot langdurige gevangenisstraffen veroordeeld.

Naar Startpagina

Herinneringen Molukse Christenen zijn weggewist

(Memories Moluccan Christians have been wiped out)
Dagblad TROUW, 17-1-2007
Reporter : Tjitske Lingsma

Foto’s © Ahiolo

Op de Indonesische Molukken brak in januari 1999 een burgeroorlog uit tussen christenen en moslims. Acht jaar later leven de twee geloofsgemeenschappen strikt gescheiden.

Voor het eerst sinds 1999 bezoekt Like Riupassa haar geboortedorp op de Molukse Banda-Eilanden, waar nagenoeg alle christenen tijdens de burgeroorlog werden verdreven. Het is een emotioneel weerzien.

Gespannen zoekt Like naar punten van herkenning als ze in het donker over straat loopt, langs het haventje van Banda-Neira. Tot haar opluchting is het licht in haar geboortehuis nog aan. Het nieuws dat ze met de boot is gearriveerd, is haar vooruitgesneld.

Eiland Banda met de beroemde Gunung Api

Sinds haar vlucht naar Bali, in 1999, was Filisye Shervinna (Like) Riupassa(24), een protestantse vrouw met een ontwapenend giechellachje, niet meer op Banda geweest.

Op de veranda verzamelt zich de moslimfamilie die op verzoek van Like’s vader de woning beheert. Terwijl nieuwtjes worden uitgewisseld, kijkt Like in de richting van haar oude slaapkamer, maar de deur blijft op slot. Ze kan ook niet naar de keuken lopen waar haar moeder vroeger lekkernijen maakte voor het gezin en voor de toeristen die regelmatig overnachtten. Like is een gast in eigen huis. Dapper slikt ze haar teleurstelling weg en vertrekt naar het pension waar ze zal overnachten.

In de brandende zon staat ze de volgende ochtend voor het christelijke kerkhof. Ze negeert de pilaar waarop moslims een doodskop en “Alley Devil” hebben geschilderd. Ernaast ligt vuilnis en overal zijn fruitbomen en groenten geplant. De zerken zijn door onkruid overwoekerd. “Ik ken de weg niet meer”, zegt Like verbijsterd. Tot haar gezicht opklaart als ze een graf herkent.
“Daar liggen mijn overgrootvader, grootmoeder en neef”. Langzaam beseft ze dat veel namen op de zerken zijn weggehakt. “Oh, arm Banda”, is het enige dat Like kan uitbrengen over de religieuze schoonmaak waarbij zoveel tastbare herinneringen aan Molukse christenen werden uitgewist.

Straatbeeld van Bandaneira

De tocht gaat verder, door straatjes met veel huizen uit de Nederlandse koloniale tijd. De Banda-eilanden, ooit de enige plek ter wereld waar nootmuskaat groeide, waren indertijd een belangrijk Nederlands bastion. Het oude Nederlandse kerkje, waar Like ’s zondags altijd naar toe ging, blijkt grotendeels verwoest. Bouwvakkers zijn bezig met de nogal grove restauratie.

Like blijft er gelaten onder. “Ik kan mijn boosheid niet uiten. Ik wil niet denken aan alles wat we verloren hebben”, zegt ze. Ze concentreert zich op positieve ontmoetingen. Terwijl ze door het plaatsje loopt, klinkt overal haar naam. “Mensen zijn me niet vergeten”, zegt ze stralend.
Trots vertelt ze iedereen dat ze nu met haar ouders op Bali woont. Op het bruisende toeristeneiland heeft ze een opleiding public relations gevolgd en in hotels gewerkt. Like bezoekt het afgelegen Banda niet als dolende vluchteling, maar als moderne vrouw die haar plek in de wereld heeft gevonden.

Plots rennen drie oudere vrouwen gillend van blijdschap op haar af. Ze knijpen in haar wangen en slaan op haar dijen, gebruikelijke uitingen van affectie. “Dit zijn de mensen die mijn ouders hebben gered”, lacht Like.
Ook het weerzien met schoolvriendin Rasmi verloopt hartelijk. Als de twee elkaar zien, springen ze meteen in de bokshouding. “Net als vroeger; toen ravotten we ook altijd met elkaar”, roepen de vriendinnen. Terwijl de hoogzwangere Rasmi lekkere hapjes klaarzet, zakt Like weg in een warm bad van vriendschap.
“Ik ben blij dat ik hier na zo’n lange afwezigheid zonder gevaar rond kan lopen.
Maar ik ben erg verdrietig om te zien hoe alles erbij ligt”, zegt Like.

In het midden het oude Nederlandse kerkje

Ze beseft dat ze niet meer op Banda zou willen wonen, zoals 45 van de 300 Bandanese vluchtelingen gezinnen die wel weer terug willen keren.
“Ik heb op Bali een nieuw leven opgebouwd. Ik heb ruimte om me te ontwikkelen”, vertelt Like. “Als ik op Banda was blijven wonen, zou ik net als iedere jonge vrouw vast ook getrouwd zijn geweest en een baby hebben gehad”.

Relatief rustig sinds het Vredesakkoord.
Op 19 januari 1999 braken op het Molukse eiland Ambon bloedige gevechten uit tussen christenen en moslims. Directe aanleiding was een ruzie tussen een christelijke buschauffeur en een moslim, maar opgekropte spanningen over politieke macht en posities binnen de bureaucratie waren er al jaren. Het conflict sloeg over naar andere delen van de Molukken en kreeg het karakter van een religieuze burgeroorlog.
De provincie kwam in een spiraal van wraak terecht, waarvan zowel moslims als christenen het slachtoffer werden.

Tijdens de burgeroorlog werden zeker 5000 mensen gedood, volgens de International. Crisis Group wel 10.000. Talloze gebouwen gingen in vlammen op. Bijna 700.000 van de 2.1 miljoen inwoners sloegen op de vlucht.
Na verzoeningsinitiatieven door Molukkers en formele besprekingen in 2002 kwam het vredesakkoord Malino II tot stand. Toch waren er nog geregeld geweldsuitbarstingen.
De afgelopen twee jaar is het relatief rustig. Christenen en moslims wonen uit angst voor elkaar in gescheiden gebieden.

Naar Startpagina